Hoe weduwe zijn je vakantie totaal anders maakt
‘Geniet ervan!’
‘Heerlijk, even eruit!’
‘O, lekker! En een normaal huis is ook fijn, kun je zelf ook wat uitrusten. Geen campinggedoe.’
Bij alle reacties glimlachte ik vriendelijk en perste ik er een – denk ik – heel overtuigend ‘komt goed hoor!’ uit. Maar ik was zelf niet overtuigd. Ik had mijn twijfels of ik van deze vakantie zou gaan genieten. En ‘even eruit’ vind ik doorgaans heerlijk, maar twee weken non-stop in mijn eentje met drie kids die net als ik moeten wennen aan alles… tja. En de illusie dat ik in mijn vakantie zou kunnen uitrusten had ik al helemaal niet. Dat had ik vorig jaar al gedelete van mijn vakantie-bucketlist.
My goodness, wat zat ik met de vakantie in mijn maag. Ik sta niet bepaald te boek als besluiteloos, maar het lukte me niet om te bedenken wat te doen. Elke optie had voors en tegens en de afweging wat dan een goede voor of tegen was, leek gewoonweg niet te maken.
Helemaal niet gaan? Dat was het enige waar ik niet over twijfelde. Dat kon ik de kids niet aandoen. Na een jaar waarin ze papa verloren en we er tante Corona bijkregen, kon ik niet ook nog eens zeggen dat we niet op vakantie zouden gaan omdat mama het niet ziet zitten.
Dus we gingen. Naar het hoge noorden, oppassen op een heerlijke tweekapper en dito rode kater. Ik moet toegeven dat ik blij was dat ik alleen kleding en een krat boodschappen hoefde in te pakken, want het kostte me evengoed al 6 uur voordat ik dat in de auto had. En voordat de kinderen zover waren dat ze fatsoenlijk in de auto zaten, was er nog een uur verstreken.
En nu? We zijn een week verder. Nog een week te gaan. Appjes met ‘hoe is het daar?’ beantwoord ik met aarzeling. Want zeggen dat je het niet leuk hebt, voelt als een taboe. Maar het is realiteit, dus ja. Op dag 2 ging het al mis. Maar dat drama heb ik in een blog verwerkt, dus die houden jullie nog even tegoed.
Volgens mij hebben de kids het wel fijn, nu ze hun draai gevonden hebben. We doen veel leuks en het is 80% van de tijd gezellig, wat een ‘normale’ score is. Al is de peuter nu in een ‘ik wil het en ik wil het nu!’ fase beland. Ik was alweer vergeten hoe rotirritant ik die fase vond.
We hebben best heel mooi weer. Maar momenteel dondert het in de lucht. En ook in mijn hoofd. Want ik vind het poepzwaar, dit.
Twee weken lang 24/7 ‘aan’ staan. Want ja, de avonden en nachten zijn natuurlijk wennen in een ander bed, met meer muggen dan we gewend zijn, hier en daar een verkeerd gevallen maaltijd of oorpijn. Dus tijd om op te laden? Almost zero.
Vakantie is niet meer relaxt. Niet meer lekker even weg. Vakantie is gedoe. En thuis is ook regelmatig gedoe, maar dit is gedoe 2.0.
Ik sla me hier nog een weekje doorheen. Voor de kids. En dan hoop ik dat ik thuis weer wat kan opladen. Of anders als ze weer naar school gaan. Of anders als ze ooit het huis uit gaan.


