graafwerk
Blog,  Kinderen,  Rouw,  Verlies

Graafwerk

‘Wat was het weer een mooie dag he?’ Jurre knikt terwijl ik het witte laken stevig instop om zijn zongebruinde lijfje. Nog twee dagen herfstvakantie onder de Spaanse zon en dan zit deze fijne week er weer op. Ik geef hem een knuffel en een kus. Hij knijpt me bijna fijn met zijn kleine stevige armpjes. ‘Ik mis papa zo erg,’ fluistert hij dan. Het is een zinnetje dat meerdere malen per week mijn hart breekt als een van mijn kinderen dat zegt.

Papa’s benen waren stuk

Als hij me een paar seconden later loslaat, weet ik al wat hij gaat zeggen. Regelmatig hebben we dit gesprekje. Maar wat ik zo bijzonder vind, is dat hij er elke keer meer details bijhaalt. Alsof hij zich ineens weer iets herinnert. En ergens word ik daar blij van. Want mijn grootste angst is toch wel dat dit ventje straks weinig herinneringen heeft aan zijn vader. Hij was 2 toen Alex overleed.

‘Papa’s benen waren stuk en toen is hij gestorven.’ Kijk. Daar is weer wat nieuws. Alex kon de laatste weken amper nog lopen. Nooit in die anderhalf jaar heeft hij dit eerder gezegd. En ineens is het daar.

We praten even over waar papa nu is.

Dat papa bij Jezus in de hemel geen kapotte benen of longen vol met nare beestjes meer heeft. ‘Papa is ook in het gat in de begraafplaats. Wanneer komt papa weer bij ons? Halen we hem eruit met de graafmachine? Dan is alles weer goed.’

Gat

De graafmachine komt de laatste tijd vaker ter sprake. Soms moet ik er om lachen. Want ja, Jurres masterplan om alles weer goed te krijgen is inventief, maar vereist behoorlijk wat graafwerk. Soms word ik er ook moedeloos van. Steeds weer moeten uitleggen dat papa niet meer terugkomt. Steeds weer die woorden moeten uitspreken tegen een jochie van 3, terwijl hij nog niet in staat is om dit te snappen. Steeds weer me volledig bewust worden van het definitieve, het onomkeerbare. Papa is Boven, maar ook in het gat in de grond. In ons gezin heeft dat een gat geslagen dat met al het graafwerk van de wereld niet meer te dichten is. 

Maar vandaag ben ik trots op mijn ventje. Volgens mij denkt hij: als ik het maar vaak genoeg aan mama blijf vragen, dan regelt ze het wel. Dan fikst ze wel dat papa weer terugkomt. En dan is alles weer goed.

Wanneer ik tien minuten later met een wijntje op het dakterras wat graafwerk bij mezelf doe, moet ik denken aan Romeinen 12:12.

Verblijd u in de hoop. Wees geduldig in de verdrukking. Volhard in het gebed (HSV).

Hoop heb ik meestal wel. Geduld is soms een dingetje. Volharding in gebed is totaal niet mijn talent. En dat laatste is precies wat ik nu van mijn zoon kan leren.

Parallel

Ik zou wel wat van zijn vasthoudendheid kunnen gebruiken. Want dat vaste vertrouwen dat alles weer goed komt, bezit ik niet. Niet altijd tenminste. Lang niet altijd. Hoeveel zand, hoeveel graafmachines zijn er nodig om het gat te dichten dat Alex achterliet? Ik zie het niet gebeuren. Ik zie het niet goedkomen.

Maar wel zie ik een parallel. Zo vasthoudend als Jurre is naar mij, dat het weer goed komt, zo vasthoudend moet ik ook blijven. Naar mijn Vader. Ik mag aan Hem blijven vragen of Hij telkens nieuw zand wil geven. Of Hij daarmee dat gapende gat wil helpen dichten. En ik mag blijven bidden of het ooit weer goed mag komen, wat dat ‘goed’ dan ook mag betekenen. Dan regelt Hij het vast wel.

Laat een antwoord achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *